Dit voorjaar hebben we een aantal heggen geplant in de tuin. Ze stellen nu nog niet zo veel voor, maar de bedoeling is dat het van die mooie dichte wilde hagen worden, met verschillende inheemse boomsoorten door elkaar. Onder andere meidoorn, sleedoorn, veldesdoorn; maar ook aalbes en hazelaar en hondsroos. Het soort haag dat wel als ‘Zeeuwse haag’ wordt aangeduid, al geloof ik dat het een traditionele mix van een vast aantal soorten moet zijn om echt voor die naam in aanmerking te komen. In een Engels boek over moestuinen zag ik dit soort hagen laatst als ‘alcoholic hedge’ aangeduid staan; van de verschillende vruchten kun je alcohol stoken, en de hazelnootjes kun je er als borrelhap bij eten.

Het gebruik van dit soort wilde hagen is een eeuwenoude traditie. Veel Europese bomen en struiken lenen zich opvallend goed voor gebruik in hagen: ze reageren heel goed op diepe snoei, en vormen daarmee al na een paar jaar dichte vlechtwerken. Die eigenschap heeft het intensieve gebruik van hakhoutbossen en knotwilgen mogelijk gemaakt; sommige soorten (wilgen bijvoorbeeld, en eiken) zijn haast tot op de grond terug te snoeien en lopen vervolgens weer uit.
In het boek Feral: Rewilding the Land, the Sea and Human Life van George Monbiot dat ik op het moment lees, las ik een mogelijke verklaring die mijn blik op heggen (zelfs van die saaie buxusheggen) voorgoed heeft veranderd. Monbiot beargumenteert dat onze inheemse bomen en struiken zich evolutionair zouden kunnen hebben aangepast aan predatie door olifanten – specifiek, door de Pleistocene bosolifant (Palaeoloxodon antiquus). Die olifantsoort is zo’n vijftigduizend jaar geleden uitgestorven – vrij kort in evolutionaire zin – en heeft hier toch ruim zevenhonderdduizend jaar zijn stempel op de natuur kunnen drukken. Olifanten gaan bepaald niet zachtzinnig te werk bij het eten van boomblaadjes, en glijden ook niet echt gracieus door het bos. De beschadigingen die ze veroorzaakten, hebben uiteindelijk de boomsoorten die relatief olifant-proof waren, of zelfs van die beschadigingen konden profiteren, een voordeel gegeven. Hegplanten zijn hegplanten dankzij hun vermogen olifanten te kunnen weerstaan.

Robbert plant een heg
Eerder dit jaar: de auteur, zich nog onbewust van Pleistocene bosolifanten, plant een heg

Een gedachte over “Dank olifanten voor heggen

Plaats een reactie